Een van de succesfactoren voor het goed gebruiken van data in de school is dat schoolleiders (en ja… daar vallen voor mij ook IB’ers en KC’ers onder :-)) zélf laten zien dat ze data gebruiken bij het nemen van besluiten.
Het gedrag dat je wilt zien bij leerkrachten, laat je dus eerst zelf zien.
Wel zo eerlijk 😉.
Maar makkelijker gezegd dan gedaan. Hoe maak je als MT nu een goede analyse van de tussenresultaten waar je in de praktijk ook daadwerkelijk wat aan hebt. Heb je nu er niks aan in de praktijk, dan kun je je afvragen waarom je uberhapt de analyse nog maakt.
De afgelopen jaren heb ik meerdere MT’s hierin begeleid. En na heel wat analyses lezen, feedback geven en gesprekken voeren, kan ik wel zeggen dat ik bepaalde patronen hierin heb ontdekt. Zie de punten hieronder maar als een soort ‘praktijkonderzoek’ van mijzelf :).
Mooi om te delen en nog interessanter om ze eens naast je eigen praktijk te leggen.
Waar ik in de praktijk vooral verschil zie?
- Directie en IB/KC trekken samen op
- Analyses worden steeds aangescherpt
- Er is een vaste volgorde én beperkte acties
1. DIRECTIE EN IB/KC DIE SAMEN OPTREKKEN
Wat ik zie bij scholen waar het goed gaat, is dat de directeur net zo goed als de IB/KC weet wat er speelt: wat gaat goed en waar zitten de zorgen. En dan bedoel ik niet globaal “we zijn wel tevreden”, maar echt inhoudelijk kunnen vertellen wat ze zien in de resultaten.
Wat daar vaak onder zit, is dat ze die analyse niet los van elkaar maken. Meestal maakt de IB/KC een eerste opzet, maar daarna kijken ze er samen naar en scherpen ze ’m aan waar nodig. En ja: als IB/KC werk je soms liever en gaat het ook vaak sneller alleen, maar het wordt zoveel makkelijker als jullie met z’n 2en op dezelfde dingen gaan sturen en hetzelfde beeld hebben van de onderwijsresultaten.
2. HET CONTINU BLIJVEN VERBETEREN VAN JE ANALYSE
Elke ronde gaf ik feedback op de analyses en bespraken we die daarna samen.
Wat je dan ziet: de scholen die vooruitgaan, zijn niet per se de scholen die het meteen goed doen. Maar juist de scholen die denken: oké, wat kan hier beter en hoe pak ik dat de volgende keer anders aan?
Die pakken feedback op, kijken naar voorbeelden van andere scholen en proberen het opnieuw. En dat zijn ook de scholen die je op een gegeven moment andere scholen ziet inhalen in de kwaliteit van hun analyses.
Net als bij sterke leerkrachten, die blijven ook steeds nadenken over hoe ze hun lesgeven kunnen verbeteren, zie je dat het hier hetzelfde werkt. Als je die houding als MT ook aanneemt, ga je jezelf verbeteren.
3. WERKEN VANUIT EEN VASTE VOLGORDE (EN HET KLEIN HOUDEN)
Wat ook erg helpt, is om een vaste volgorde aan te houden bij het maken van je analyse.
Eerst beschrijven wat je ziet: wat valt op, wat gaat goed en wat juist niet, welke trends zie je. Daarna pas de verklaringen: wat heeft wel gewerkt en wat niet, met input van de leerkracht. En vervolgens pas doelen en acties bepalen.
En juist op dat laatste stuk kan het nog wel eens misgaan. Denk aan 6 acties bij 1 vakgebied of in totaal 30 acties uit een analyse (ja, ik overdrijf een beetje, maar je snapt denk ik wat ik bedoel). Maak per vakgebied op onderwerp 1 of 2 acties, zodat je de acties die je opstelt ook echt kan uitvoeren en dus niet alle acties een beetje uitvoert.
Wat daarnaast ook echt helpt, en wat ik zie bij scholen waar de analyse ook daadwerkelijk iets doet in de praktijk, is dat ze tussentijds even terugkijken. Even checken: doen we wat we hebben afgesproken en zien we daar al iets van terug?
En ja… dat is gewoon een stuk overzichtelijker en makkelijker met een paar acties dan met een lijst van 40 😉.
Loop je hier op vast in je school?
Ik help Mt’s en IB/KC’ers om onderwijsresultaten scherper te analyseren en te vertalen naar concrete keuzes in de praktijk.
Klik hier om contact met mij op te nemen.


